Themamiddag over Christelijk Keurmerk

vrijdag 19 september 2014

Aansluitend aan de Algemene Ledenvergadering in Barneveld vond er een themabespreking en discussie plaats met het Christelijke Keurmerk als onderwerp. Na een welkomstwoord door voorzitter Heidi Bronkhorst en een uitleg over de opzet van deze middag, kondigde gespreksleider Martijn Gort de eerste sprekers aan.

Allereerst kwam Abwin Luteijn aan het woord, eindverantwoordelijke voor Prolife Zorgverzekeringen en betrokken bij www.ikzoekchristelijkehulp.nl. Na een korte introductie kondigde hij aan iets te willen delen over de toekomst van de christelijke zorg in Nederland. Voordat hij daar op inging, stond hij kort stil bij drie historische gebeurtenissen in de zorg van de afgelopen 12-13 jaar: de toenemende aandacht voor identiteit (Jaap van der Meiden), de introductie van de basisverzekering in 2005 en selectieve zorginkoop.

Wat vooraf ging

Luteijn: “Zo rond 2002 hadden wij het vergezicht dat er ook selectieve zorginkoop zou ontstaan. Dat zorgverzekeraars de ene wel en de andere niet zouden contracteren. Toen werd de vraag bij ons neergelegd: hoe kunnen we de continuïteit van christelijke zorg garanderen? We zijn toen na gaan denken over onze rol en verantwoordelijkheid als zorgverzekeraar daarin. We zagen ook dat mensen moeite hadden om christelijke zorg te vinden. Er was wel een website waar zorgaanbieders op te vinden waren (www.mijnzorg.nl), maar hier kon je alleen gebruik van maken als je van de reformatorische gezindte was en betaalde. Dat vonden wij een onwenselijke situatie. We wilden graag een onafhankelijk platform waarop mensen christelijke zorginstellingen kunnen vinden. Gratis voor zorgverleners en gratis voor cliënten. Dat is de website Ikzoekchristelijkehulp.nl geworden.”

Aanleiding tot het keurmerk

De ervaring (van Luteijn) is dat de vrijgevestigden gemiddeld per kwartaal 3-5 cliënten binnenkrijgen via Ikzoekchristelijkehulp.nl. Op een gegeven moment kwamen er vrij veel hulpverleners op de website. Toen ging men na denken over zaken als vindbaarheid en transparantie; bezoekers de mogelijkheid geven om zorgaanbieders te vergelijken op identiteit en kwaliteit. 

Over de website Ikzoekchristelijkehulp.nl

Impact van de website: 800 geregistreerde zorgverleners. 6000-8000 unieke bezoekers per maand. 25% van die bezoekers zoekt op een woord dat te maken heeft met psychosociale aandoeningen.

Waar selecteren bezoekers van de website op? Luteijn laat een voorbeeld zien van een webpagina met een geselecteerde lijst van zorgaanbieders. “Wat we bijvoorbeeld constateren is dat als bezoekers een zorgverlener te zien krijgen met sterretjes achter zijn naam, ze daar als eerste op klikken. Samen met de reviews en de kwalitatieve punten die daar bij staan, zijn dat de factoren waarop mensen hun besluit baseren.”

“Wij denken dat Ikzoekchristelijkehulp.nl steeds belangrijker gaat worden. Dat het eigenlijk de Funda gaat worden van zorgverlenersland. Dat mensen via die site christelijke zorg kunnen vinden. Als zorgverzekeraar verwijzen we al onze klanten met vragen over zorgaanbieders door naar deze site. Waarom? Omdat wijzelf niet verantwoordelijk willen en kunnen zijn voor de kwaliteit. Wij denken dat het belang van dit soort sites in de toekomst alleen maar toe gaat nemen.”

Doel van het keurmerk

Het keurmerk is ontwikkeld door de Stichting Ik Zoek Christelijke Hulp (IZCH), in samenwerking met cliëntenorganisaties en een aantal zorginstellingen. De rollen zijn als volgt verdeeld: het initiatief ligt bij de IZCH, de uitvoering wordt gedaan door Transmissie. Doel van het keurmerk is identiteit inzichtelijk te maken. En dan niet zozeer over de vraag of je reformatorisch of evangelisch bent. Maar wel: ben je wat je zegt dat je bent. Lever je wel wat je zegt te leveren. Luteijn: “We zoeken met name naar consistentie.”

Het keurmerk is toepasbaar voor:

  • Cliënten
  • Doorverwijzers (en dan met name informele doorverwijzers als scholen en ambtsdragers). Ook niet-christelijke huisartsen die op zoek zijn naar een christen-psycholoog.
  • Zorginstellingen. (“Om als benchmark te gebruiken, als ontwikkelinstrument binnen hun organisatie. Dat zou je als vrijgevestigde ook kunnen doen. Als intervisie-instrument.”)
  • Raden van Toezicht, (“omdat ze altijd heel moeilijk vonden om instellingen te bevragen over hun identiteit.”)
  • Zorgverzekeraars. ProLife gaat het gebruiken voor haar inkoopbeleid.

Doel van de zorgverzekeraar

Hoe geeft ProLife haar zorginkoopbeleid vorm? Luteijn laat dit met behulp van een ‘Mondriaan’ grafiek zien. De verticale as staat voor kwaliteit, de horizontale as voor identiteit.

“Kwaliteitsnormen worden met name door de overheid en soms ook door beroepsverenigingen en zorgverzekeraars bepaalt,” licht Luteijn toe. “Op basis daarvan wordt je wel of niet ingekocht. Die grens zal steeds hoger komen te liggen. Het zal steeds moeilijker worden om aan die criteria te voldoen. Als ProLife conformeren wij ons daar aan. Wat Achmea inkoopt, kopen wij ook in. Toch hebben we gezegd: voor christelijke zorg is identiteit ook onderdeel van het kwaliteitsbeleid. Laten we dat meenemen. Dat is die schuine lijn in het ‘schilderij’ geworden (niet het hellend vlak waar sommige mensen misschien bang voor zijn). Zo kom je feitelijk tot een viertal vlakken van zorgverleners. Het eerste vlak (het witte vak) – daar zeggen we van: daar willen we eigenlijk als Prolife niets mee te maken hebben. Die voldoen niets aan de kwaliteitsnormen en voegen niets toe wat betreft identiteit. Daar doen we geen zaken mee. Blauw is de groep waarvan we zeggen: daar zijn we indifferent over. Dat zijn de fysiotherapeuten, ziekenhuizen en apotheken die de kwaliteit leveren die onze klanten nodig hebben, maar wat betreft identiteit voegen ze niets toe. Dat is misschien wel 95% van de zorgverleners die wij gecontacteerd hebben. Het rode vak is het interessante vlak. Dat zijn de instellingen, of vrijgevestigden, die én aan de kwaliteitsnormen voldoen én iets bijdragen in identiteit. Daar willen we graag in de toekomst een speciale rol mee hebben. Bijvoorbeeld gezamenlijk innovaties doen. Bijvoorbeeld op het gebied van relatietherapie. Nu zou Ali van de snackbar dat ook heel goed kunnen, maar we denken dat we het beter in een professionele omgeving kunnen doen. [Dan is de vraag:] kunnen die instellingen die in dat rode vak zitten niet een gezamenlijk programma schrijven. Dan gaan wij dat als zorgverzekeraar financieren, ook al valt het niet in de basisverzekering. Op die manier willen we met die first suppliers omgaan.

Dan het gele vak. Dat zijn de zorgverleners die veel toevoegen aan identiteit, maar die niet voldoen aan de criteria die de wet de overheid of de zorgverzekeraar daar aan stelt. Die willen we graag helpen om te kijken hoe ze in dat rode vlak kunnen komen. En als ze daar niet in kunnen komen, willen we ze graag financieren vanuit een aanvullende verzekering. Ik denk dat veel leden van de NVVCH met name in dat vakgebied zitten. En daar staan we heel positief tegenover.

Daar zitten bijvoorbeeld ook christelijke instellingsoorden in. Organisaties die meestal niet door de overheid gefinancierd worden, maar waarvan wij toch zeggen: het is belangrijk dat mensen een time-out kunnen hebben. Dan zorgen wij dat daar een bepaalde vergoeding voor plaats vindt.”

Waarom meedoen?

Waarom meedoen aan een christelijk keurmerk? Luteijn noemt eerste argument profilering als christelijke hulp- of zorgverlener. “Mensen mogen zien wie je bent en waar je voor staat.”  Als tweede punt noemt hij het aantrekken van christelijke cliënten. Luteijn: “We zien dat als iemand het keurmerk christelijke zorg heeft, mensen daar wel als eerste naar kijken.” Verder levert een keurmerk een bijdrage aan: ontwikkeling van eigen identiteitsdenken (“hoe ga ik daar mee om in mijn praktijk, zijn daar regels voor, hoe breng ik dat in mijn communicatie?”), professionalisering (“omdat we met z’n allen christelijke zorg op een hoger level willen krijgen”), productinnovatie (“door gebruik te maken van modules die gezamenlijk ontwikkeld zijn, bijvoorbeeld op het gebied van relatietherapie”). Ten slotte: financiering (“doe het ook vooral voor de cliënt”).

Luteijn: “Vooral ten aanzien van aanvullende verzekeringen bij zorgverzekeraars is het belangrijk om gefinancierd te kunnen worden. Ik  zie dat naar mate de eigen risico’s hoger worden, mensen meer moeten betalen en er steeds meer vraaguitval is. Ik weet niet hoe het bij jullie is, maar in het verleden was er veel vraagoverschot in de christelijke psychosociale hulp. Ik denk dat dat tegenwoordig een stuk minder het geval is. Dat zou in de toekomst weer een beetje kunnen gaan omslaan.”

Voorwaarden

Aanvullend op het verhaal van Abwin Luteijn licht Henri Braamkamp (Transmissie) de voorwaarden toe voor deelname. Hij noemt drie mogelijkheden om de criteria te hanteren.

  1. Formele kenmerken. “Dat zijn objectieve zaken die we vooraf goed kunnen toetsen. Bijvoorbeeld BIG registratie. Bij instellingen zie je dat we veel meer vereisten hebben omdat je daar te maken hebt met scheiding van toezicht en bestuur. Bij vrijgevestigden is dat minder het geval. We onderkennen dat niet alles in beton gegoten is en dat we daarin een dynamische aanpak hebben.” 
  2. Praktijkgebonden kenmerken. “Aan de ene kant is dat een stukje verificatie van: goh wat je zegt, zie ik dat in je werk terug, en daar zijn een aantal criteria aan verbonden, bijvoorbeeld hoe iemand zich uitzet op de website of in zijn foldermateriaal. Dat we kunnen zien dat hetgeen wat mensen aanbieden, ook op een of andere manier terug komt in de praktijk.”
  3. Overige contextueel gebonden kenmerken. “Dat zijn eigenlijk die zaken waarbij je zegt van: daar moeten we met elkaar over in gesprek omdat het zich niet zo makkelijk vanuit de praktijkonderbouwing laat uitleggen, of vanuit de formele kenmerken.”

Die drie kenmerken vormen samen de criteria hoe er naar, in dit geval, vrijgevestigde partijen gekeken wordt. Braamkamp maakt de vergelijking met iemand die twee mensen aan elkaar wil verbinden en er als tussenpersoon een goed gevoel bij wil krijgen door te ontdekken hoe de ander te werk gaat. Dat is de strekking achter de voorwaarden bij dit keurmerk.

Lees verder het verslag van de vragenronde en discussie!

« Terug